Hoop

Marieke Laauwen

 

Het was een hoopvolle week hier! Gisteren stopte een verkeersregelaar mijn auto omdat een grote groep oudere mensen moest oversteken. En toen zag ik het bord langs de weg: Vaccinatielocatie. Ik knipperde even want mijn ogen werden vochtig. Er was natuurlijk ook wat winter, we konden bijna op het ijs staan en dit weekend lijkt er echte sneeuw te komen. Mijn buurmeisje schreeuwde me tegemoet van de week: Ik ga naar school toe buurvrouw, volgende week ga ik echt naar juf. In de echte klas! Dat is nogal wat als je in groep 3 zit. Het appje van haar moeder was ongeveer even opgetogen.

Ik had het wel even nodig. Een beetje hoop. Even het gevoel dat er een normaal gaat komen waarin ik af en toe iemand echt zie en vasthoud die niet in dit huis woont. Gisteren had ik mijn leesclubje. We ontmoetten elkaar ieder achter onze eigen laptop. We waren er alle acht en staan er niet eens meer bij stil. Ik zag deze keer zelfs kans om te laat te komen. Te laat in een online meeting. Dan heeft het nieuwe normaal het oude wel helemaal overgenomen. Ineens herinnerde ik me dat ik in september met een aantal van deze mensen op een te koud terras zat omdat we na de kerk geen koffie konden drinken. Was afzien, vond ik toen. Wat moet ik er nu om lachen. Er is geen kerk om heen te gaan en geen terras om op te zitten. In september dacht ik dat we met de afwikkeling van corona bezig waren. Vanaf toen zou het lineair recht omhooggaan.

 

Zo werkt het leven niet. Zo heeft het nooit gewerkt. Vooruitgang gaat altijd gepaard met stevige stappen achteruit. Niemand wordt beter zonder slechte dagen, niets wordt bereikt zonder pijn. En ook in het oude normaal waren we vaker niet gelukkig dan wel. Het gekke is, hoop werkt wel zo. Hoop zegt niet: ooit wordt het langzaam een beetje beter. Hoop zegt: alles komt goed.

 

Het maakt het een bij tijden wreed gevoel. Wie veel hoop heeft, kan veel pijn verwachten als het onverhoopt anders uitpakt. En toch, en toch kunnen we niet zonder. Een mens heeft perspectief nodig, iets om naar toe te leven en de realiteit brengt dat niet. Hoop wel. Hoop geeft je het zetje in de rug.

 

Ooit interviewde ik een mevrouw over haar ervaringen in de hongerwinter en ze vertelde me: Ik kan je van alles vertellen over de oorlog maar het allermoeilijkste kan jij niet vatten. Het is het niet weten hoelang het zal duren. Als ik je vertel dat ik in april zo’n honger had dat ik dacht dat ik dood zou gaan, weet jij wanneer de voedseldropping kwam, maar ik wist dat niet. Ik hoopte, maar ik het wist het niet. Wij leven niet in oorlogstijd en zo erg is het ook niet maar voor het eerst in mijn leven begrijp ik niet alleen wat ze bedoelt, maar kan ik het ook voelen. Ik weet niet hoelang het nog duurt, maar ik heb hoop. Zonet verschenen in mijn schoonmoeders zorgdossier drie woorden: Mevrouw is gevaccineerd. Het is een hoopvolle week.