“Ik probeer het evangelie middels de muziek uit te dragen”

Vrijwel iedere zondag zijn ze er, maar zichtbaar zijn ze niet altijd. Als kerkorganist ben je meestal backstage bezig. Zonder dat je het doorhebt, ben je net als de Israëlieten een woestijnreis verder. Zoveel jaren trouwe dienst is iets bijzonders. Aanleiding dus voor een interview met niemand minder dat mijn eigen moeder!

Catharina Knol
Extra - Janny de Vries17.JPG
Foto: Jeroen de Haan

Even voorstellen…
"Mijn naam is Janny de Vries (1968), de jongste uit een gezin van vier kinderen. Ik ben geboren in Groningen. In mijn kinderjaren zijn wij verhuisd naar Stadskanaal. Daar ontving ik mijn eerste orgellessen. In 1979 zijn wij weer terugverhuisd naar Groningen en vervolgde ik mijn orgellessen bij Piet Wiersma. Hij bereidde mij voor om toelatingsexamen te doen aan het conservatorium waar ik de destijds zesjarige opleiding orgel deed bij Wim van Beek. Al vanaf mijn veertiende begeleid ik zelfstandig kerkdiensten. Voor het eerst in de Christelijk Gereformeerde Kerk te Groningen. Ook begeleidde ik voor mijn conservatoriumopleiding al vele kerkdiensten in verpleeghuizen zoals het Menno Lutterhuis, Talmahuis, Innersdijk en Patrimonium.

"Op mijn veertiende kwam ik in vaste dienst bij de Eglise Wallonne te Groningen. Ik heb dat ruim elf jaar lang gedaan. De Waalse Gemeente houdt tot op de dag van vandaag nog altijd haar kerkdiensten in de Pelstergasthuiskerk. Toen het orgel in deze kerk werd gerestaureerd en opgeleverd in 1991, werd ik aansluitend door de voogdij van het gasthuis benoemd tot conservatrix en ben sindsdien verantwoordelijk voor het monumentale Arp Schnitgerorgel aldaar.

“In datzelfde jaar ben ik getrouwd met Marinus Knol. Ik heb mijn echtgenoot leren kennen op het conservatorium. Van september 2008 tot september 2010 ben ik organist geweest bij de Remonstrantse Kerk, waar ik mij heb ingezet om het orgel met achterstallig onderhoud aldaar weer goed bespeelbaar te krijgen. Dit gebeurde in samenwerking met de Stichting Oude Groninger Kerken. Sinds september 2009 ben ik als organist verbonden aan de Doopsgezinde Gemeente Groningen. Vanaf mijn achttiende ben ik belijdend lid van de Wijkgemeente Martinikerk, toen nog gemeente Centrum-Oost geheten. Tijdens mijn conservatoriumopleiding mocht ik vaak invallen voor Wim van Beek tijdens de ochtenddiensten. Op dit moment speel ik vooral de avonddiensten (vanaf 1999) en al vele jaren de kerstavonddienst (vanaf 1998).”

Dit jaar is een bijzonder jaar in uw carrière, u bent nu veertig jaar actief als kerkorganist. Hoe voelt dat?
“Het voelt niet aan als veertig jaren, maar als je erbij stilstaat, dan besef je dat we wel veertig jaren verder zijn. Vanwege de vele verschillende kerken en denominaties zijn die veertig jaren niet bepaald saai geweest.”

Staan er ook concerten in de agenda?
“Jazeker. Tijdens en na mijn studie heb ik veel concerten mogen geven. Op het moment dat ik zwanger werd, heb ik mij bewust op het moederschap toegelegd en daarmee in dat opzicht een stap terug gedaan. Maar ook dit jaar geef ik nog wel concerten. Niet zo veel als vroeger, maar dat geeft mij de ruimte om bijvoorbeeld nieuwe stukken in te studeren.”

Met welk orgel voelt u zich het meest verbonden?
“Ik zou zeggen, met welke orgels. Natuurlijk de beide Arp Schnitgerorgels in zowel de Pelstergasthuiskerk als in de Martinikerk. Maar nu ik er zo over nadenk ook wel het nieuwe Marcussenorgel in de Doopsgezinde Kerk. Ik heb in al deze kerken mooie herinneringen liggen. Het Martiniorgel, omdat ik daar veel hoogte- en enkele dieptepunten heb meegemaakt, zowel tijdens als na mijn studie. Het orgel in de Pelstergasthuiskerk voelt als mijn ‘kindje’. Een prachtig kleintje Schnitger waar ik voor mag zorgen. Eigenlijk weerspiegelt dit instrument mijzelf. Klein, maar met een krachtig geluid en met de juiste ‘bespeling’ laat het de mooiste klanken horen. Het orgel in de Doopsgezinde Kerk doet me denken aan de fijne lessen van Piet Wiersma, het toelatingsexamen en enkele overgangsexamens tijdens mijn studie.”

“Je stelt je dienstbaar op”

Wat is het grootste verschil tussen het begeleiden van een dienst en het geven van een concert?
“Bij een kerkdienst kun je bijna niet zelf bepalen wat er gezongen wordt. Je stelt je dienstbaar op. De inhoud van een kerkdienst bepaalt welke muziek je daarbij gaat spelen. De muziek zou een verlengstuk kunnen zijn van de inhoud van de dienst. Bij een concert heb je wel de vrije keuze, tenzij de orgelcommissie vraagt of je een bepaalde componist wilt spelen, bijvoorbeeld vanwege een herdenkingsjaar.”

 

Waar bent u dankbaar voor?
“Ik ben dankbaar dat ik deze gave van God mag gebruiken om mensen te beroeren. Als organist ben je vaak een van de laatsten die de kerk verlaat en spreek je niet veel mensen. Maar soms zijn er kerkgangers die na afloop van een kerkdienst naar mij toekomen en dan mooie woorden zeggen over de muziek en/of de begeleiding. En al zou het maar één persoon zijn die geraakt is, dan ben ik dankbaar dat ik een instrument van Christus mag zijn. Ook bij concerten hoor je soms bijzondere dingen. Er was deze zomer iemand aanwezig die veel ellende en verdriet had meegemaakt. Ik speelde tijdens mijn concert een paar vrolijke muziekstukken afgewisseld met een aantal serieuze. ‘Net zoals in het echte leven,’ zei ik tijdens mijn toespraak, ‘waar vreugde en verdriet elkaar afwisselen.’ Hoor ik een paar dagen later via iemand anders, dat deze persoon weer de moed had verzameld door mijn concert.”

 

Hoe ervaart u Gods nabijheid in uw leven?
“Sinds het overlijden van mijn moeder toen ik vijf jaar oud was, heb ik mij vastgeklampt aan de Heere Jezus. Hij is mij in mijn hele leven nabij. In alles! De psalmen beschrijven dat zo mooi. Ik heb bewust belijdenis gedaan en probeer het evangelie middels de muziek uit te dragen waar dat kan en zo lang het mij gegeven is dit te doen.”

 

 Op welke persoonlijke prestatie bent u best een beetje trots?
“Vlak na mijn studie heb ik de koraalfantasie ‘Freu dich sehr, o meine Seele’ (Psalm 42) opus 30 van Max Reger ingestudeerd op verzoek van mijn familie, omdat dit onze lievelingspsalm is. Dit stuk duurt ongeveer twintig minuten en Reger heeft de muziek op de tekst van de Duitse coupletten gecomponeerd waarin het leven van de mens wordt beschreven. Toen ik een concert in de Martinikerk mocht geven, had ik mijn leraar Wim van Beek verteld wat ik had voorbereid. Hij kwam met zijn hele gezin bij mijn concert. De kerk zat goed vol en Van Beek vond het bijzonder mooi hoe ‘Freu dich sehr’ was uitgevoerd. Deze uitvoering van dit orgelwerk is nog altijd te beluisteren op mijn YouTube-kanaal Janny de Vries.”

 

Extra - Janny de Vries17 - QR
cover nummer 17.JPG

Editie 17 - 2022

Lees meer Bekijk pagina
Stadjer Uitgelicht

Schrijf je in voor de nieuwsbrief