Waar het misschien wel begint

Midden in de Syrische burgeroorlog een orkest beginnen met kinderen van 3 tot 7 jaar. Dat is wat de celliste Karoun Baghboudarian deed, die vorige week afstudeerde aan het conservatorium in Groningen. Ze vluchtte met man en kind uiteindelijk voor het oorlogsgeweld, kwam in Nederland terecht en startte in haar voorlopige woonplaats Marum ook een Kiddy orkest. Ze ontwikkelde haar eigen lesmateriaal door goed te luisteren naar de jonge kinderen, wat ze begrepen, wat ze aanvoelden, waar ze blij van werden, wat ze snapten. Dat leverde uniek nieuw lesmateriaal op, met foto’s, tekeningen, games. Ze liet mooie voorbeelden zien, en speelde ontroerend mooi cello.

Jan Wijbenga

Zo’n orkest bestond nog niet in Nederland. Karoun onderzocht of het uitmaakt of je in Syrië of in Nederland kinderen op deze manier vertrouwd maakt met muziek. Ze komt ook in Nederland tot verrassende resultaten. Al in Syrië werd haar filosofie bevestigd dat je via de muziek al op zeer jonge leeftijd kinderen een waardevolle vorming meegeeft. Muziek en zang uit alle landen in allerlei talen: het maakt je sterker en socialer. Kinderen groeien, hebben plezier, leren discipline en samenwerken. Nederlandse ouders bevestigen dat. Muziek verbindt en verrijkt de persoonlijke ontwikkeling, ook die van kleine kinderen al. Het draagt bij aan hoe je later in het leven staat. Er loopt nu ook al een programma op de Borgmanschool: de Cello als welkom.

Een dag later kwamen kinderen zelf aan het woord. Vijf tienermeiden met verschillende achtergronden ontvingen in de Martinikerk tijdens het jubileum van INLIA een Levende Steen, een grote baksteen (kloostermop?) voor mensen die zich op een bijzondere manier inzetten voor vluchtelingen. Die eer was er ook voor Toni (15) uit Amsterdam, zoon van een Chileense vluchteling, die al jaren inzamelacties organiseert voor vluchtelingen in Calais. De vijf meiden laten zich horen in het publieke debat over vluchtelingen, en zoeken politici op waaronder Kamerleden om met hen te praten over oplossingen. ‘Het is niet zo ingewikkeld’, zei een van hen, ‘wij hebben genoeg ideeën, maar wij hebben niet de macht. Politici zijn slechte beslissers.’ Dat legt meteen de vinger op de zere plek.

Ook terrorismedeskundige Beatrice de Graaf, die net de Spinozapremie heeft ontvangen, heeft iets met kinderen. Bij haar jongste onderzoek werkt ze samen met jongeren aan een mobiele website, die begrijpelijke kennis oplevert over veiligheid, conflicten en terrorisme. In het basis- en voortgezet onderwijs wordt vaak gesproken over dit maatschappelijk vraagstuk, maar zonder de feiten te kennen. De opgave voor kinderen en jongeren is om feiten en mening te onderscheiden, en daarmee het oordeelsvermogen te versterken. Daarvoor heeft ze de jongeren zelf nodig om aan te sluiten bij hún leefwereld.

Opvoeden is je kinderen vertellen wat ze moeten doen of laten. En hen voorleven, het goede voorbeeld geven. Kinderen kunnen echter met verrassende nieuwe invalshoeken komen, die wij al gauw als niet realistisch beschouwen. Kinderen hebben recht van spreken, ze zijn kwetsbaar. Het kinderrechtenverdrag van de Verenigde Naties is het meest ondertekende verdrag ter wereld.
Maar doen we hen wel voldoende recht? Er staan steeds vaker zelfbewuste kinderen op die een rol opeisen, ook in het vluchtelingendebat. Soms door in stilte goede werken te doen, soms door beïnvloeding van politici en opiniemakers. Ze staan in een mooie traditie. Zoals ook INLIA als jonge organisatie destijds tegen de tijdgeest en de wet in acties startte, uit humanitaire overwegingen. Wie terugblikt ziet dat hiermee uiteindelijk veel bereikt is. INLIA en de aangesloten kerken zijn van een ergerlijke actiegroep tot een gerespecteerde organisatie geworden, die nieuwe vormen van opvang creëert, juist voor de moeilijke gevallen die letterlijk tussen wal en schip vallen.

Het begint vaak bij enkelen. God geeft ons geen stenen, heeft ook geen gebouwen nodig. Hij geeft ons mensen, levende stenen waarop de samenleving verder kan bouwen. Grote en kleine mensen, mensen met principes en een missie. Met een hart dat niet versteend is, maar op de goede plek zit.
Vluchtelingen zijn per definitie kwetsbaar, kinderen helemaal. Wie met hen solt traumatiseert ze nog een keer extra.
Is dit een soft verhaal? Nee, het is ijzersterk, want het is Gods verhaal met mensen. Ja, misschien zelfs bij kinderen. Wie daardoor geraakt wordt kan niet aan de wal blijven staan. I do care, do U?