Onrecht is van alle tijden - helaas

Vier jaar geleden maakten mijn vrouw en ik een autoreis door het oosten van Amerika. Vanuit Philadelphia zakten we af naar West Virginia, North en South Carolina, Georgia. Iets teveel kilometers, dat wel.

Jan Wijbenga

Als historicus is het smullen: de oostelijke staten ademen historie, herkenbaar aanwezig in musea, gedenktekens, gebouwen en landschappen. De negatieve aspecten van de kolonisatie, de moordpartijen en veldslagen worden niet geschuwd. Er wordt op een evenwichtige manier rekenschap afgelegd van het verleden, ook over het leven van de vroegste inheemse bevolking. Op de katoen- en suikerplantages was het verleden nog voelbaar aanwezig, o.m. via veel uitleg in de gerestaureerde slavenhutten. Al met al waren we positief verrast.

Eind dat jaar werd Trump tot president gekozen. Zijn motto was (en is) alles ongedaan maken wat Obama had bereikt. Sinds die tijd lees ik de New York Times en de Washington Post, die honderdduizenden nieuwe digitale abonnees zagen toestromen, die zicht op de waarheid wilden houden. Want de leugen regeert: Trump heeft inmiddels 20.000 leugens en onwaarheden op zijn naam staan. Zijn complottheorieën doen het goed bij zijn achterban. Hij creëert een verzonnen realiteit voor mensen die de grip op de wereld en op zichzelf verliezen, schreef De Groene. Zijn standpunten over abortus, wapens en homofilie houden de grote evangelische achterban koest. Maar in de praktijk helpt hij alleen de rijken, waaronder hijzelf.

Empathie met de zwakken in de samenleving, waaronder heel veel zwarten, is hem vreemd, zo bleek ook weer tijdens de rassenrellen. White supremacy is onbenoemd zijn drijfveer. De harde aanpak moet hem de herverkiezing bezorgen. Maar in woord en daad blijkt hij iedere persoonlijke verantwoordelijkheid te ontlopen. Hij stimuleert de tweedeling, niet de solidariteit en eenheid van een volk in moeilijke tijden. Het is zwart of wit – dat laatste in zijn geval. Alles is ook politiek: de wetenschap, de pers, het dragen van mondkapjes, de rechterlijke macht. Onafhankelijk toezicht is ongewenst, critici worden vervangen.

Op zich is de tweedeling niet nieuw. In 1787 werd een historische grondwet aangenomen waarin een compleet vernieuwde overheidsstructuur werd vastgesteld. De Bill of Rights legde individuele vrijheden vast. Maar papier is geduldig. Er is sindsdien veel veranderd, maar vooral om economische redenen werd pas in 1865, aan het eind van de interne burgeroorlog, de slavernij afgeschaft.

Gelijkberechtiging of gelijke behandeling laat zich niet afdwingen door wetten, protesten of geweld. Nog steeds voelen de zwarten zich gediscrimineerd. Ze krijgen onvoldoende kansen in een maatschappij waarin je jezelf moet redden, en waarin solidariteit niet door de overheid georganiseerd wordt. Men is nog steeds niet écht vrij. De wanhoop die in de recente protesten doorklinkt, is begrijpelijk. Er zijn wezenlijke veranderingen nodig. Maar ook blijkt hoe diep de rassenongelijkheid nog steeds diep verankerd is in de samenleving, in de opvattingen van mensen. De overheid is er geen schild voor de zwakken.

Bewustwording van onrecht is ook in Nederland, in Groningen nodig. En een juiste keuze bij de stembus. Hebben we wel weet van de grote ongelijkheid in Nederland, in onze stad, als we dat zelf niet voelen? Wat doet dat met ons? De kerken kunnen bijdragen door de bewustwording te vergroten en onrecht te agenderen. En het mooie van het christendom is dat het zich óók richt op de harten van mensen. Wie de bijbelse boodschap goed verstaat, kan niet anders dan samen met de naaste, arm of rijk, zwart, blank of wie ook maar, op te komen voor gerechtigheid. “Uw wil geschiede…”