Geloven als belevenis

Op een donderdagavond gaan we naar een dansvoorstelling in het Grand Theatre. Voor de deur worden kaarsjes uitgedeeld, die je in de Martinikerk kan aansteken. Een spoor van lichtjes leidt je naar het koor. Op de achtergrond klinkt orgelmuziek, mensen lopen af en aan, enkelen blijven zitten in het schemerduister, met de jas aan. Sommigen komen voor het eerst in de kerk. Verleid door een lichtje, en níet door een folder, een hagepreekje of iemand met stalen neuzen op de schoenen.

Jan Wijbenga

Mensen zien de schoonheid van de gewelven en de muurschilderingen niet, maar belanden in een kort bezinnend moment, waar ze opgaan in het hier en nu. Gedachten en gevoelens komen los, bij iedereen wat anders. Je hoeft niks, niemand vraagt je iets, anoniem kun je je ding doen en een collectezak blijft achterwege. Stilte, een ritueel, ongepland, zomaar tussen de boodschappen door.

De benedenzaal van Grand zit vol. Mohamed Yusuf Boss gaat dansen. Hij was eerder te zien in de Nieuwe Kerk. Een spoor van (led)licht omzoomt het podium, felle schijnwerpers gaan aan en uit. Een man, zijn gezicht onzichtbaar, rapt een kwartier lang onverstaanbare teksten. Dansers komen tot leven en er ontstaat interactie, omlijst door een harde beat. Ingespannen proberen we alles te volgen en de voorstelling te duiden. Het programma geeft een indicatie van de bedoeling: wat gebeurt er tussen mensen bij een eerste contactmoment? De inspiratie komt van de zwarte Amerikaanse activist James Baldwin, zo lezen we.

Het zal duidelijk zijn: je moet alle zintuigen open zetten om daar iets van te herkennen. Pas toen we ons aan het gebeuren overgaven kwam het binnen: het totaal maakte iets los zonder dat we elk onderdeel hoefden te interpreteren. De bewegingen van de vijf dansers waren mooi en kunstig, dat zagen we ook wel. Na drie kwartier voor een intens aandachtig publiek was het voorbij en werd er lang en hard geklapt, zelfs gejoeld.

Wat neem je nou mee van zo’n avondje? Ik meende overeenkomsten te zien. Wie gelooft stelt zich open voor activiteiten op het gebied van kunst en cultuur, van spiritualiteit, van teksten die je tegenkomt of opzoekt, maar niet meteen onomstreden te duiden zijn, van muziek en zang, van meditatie en bezinning, van gebed ook als uiting van spiritualiteit. Je laat je raken en probeert de samenhang te zien en vooral ook: te ervaren. Want geloven is iets van hoofd, hart en handen. Het hoort er allemaal bij, en toch is het moeilijk aan anderen uit te leggen.

In de kerk en misschien ook daar buiten zijn we misschien wel teveel op het woord gericht geweest. Vroeger op catechisatie moest je de vragen en de juiste antwoorden uit het hoofd leren van de Heidelbergse Catechismus. Via teksten zou het heil ons geworden, en wat je inprent, vergeet je je leven niet meer.

Gelukkig komt er steeds meer ruimte voor spiritualiteit, voor een beleving, die niet meer ingeperkt wordt door ingestampte waarheden. Toen ik in een studentendienst belijdenis deed kreeg ik een boekje: Jezus is Heer. Daarmee is de kern gegeven, misschien nog met het grote gebod als toevoeging: heb God lief en je naaste lief als jezelf. Dan is er opeens heel veel ruimte om met een grote ontvankelijkheid alles wat er in de wereld op je afkomt in een gelovig perspectief te zien. En wordt geloven weer een belevenis.

Reacties: wijbengahalma8@gmail.com