De dag dat alles anders werd

Pinksteren verbleekt vaak een beetje bij Kerst en Pasen. Niet gek, want is de komst van Christus naar de aarde (Kerst), en zijn sterven en opstaan (Pasen) niet alles veranderend? Zeker. Maar als een ware drie-eenheid maakt Pinksteren daar ook wezenlijk onderdeel van uit. Op zijn eigen manier.

 

Anne Nijland

 

Het werd door de profeet Joël in het Oude Testament al voorspeld. Er zou een dag komen dat God Zijn geest zou uitgieten over al wat leeft. Mannen en vrouwen, jong en oud, arm en rijk, het maakte niet uit. Waar eerder in het Oude Testament het uitverkorenen zijn over wie God zich ontfermt en met wie Hij in contact staat, en later in het Nieuwe Testament het weer andere uitverkorenen zijn die Zijn gaven ontvangen en via Jezus tot God komen, zou het vanaf die dag voor iedereen mogelijk zijn om gaven te ontvangen, zich persoonlijk tot God te richten en geraakt te worden door Gods liefde. Ongeacht rang, stand, geslacht of leeftijd.

 

Het is dit gedeelte van Joël (hoofdstuk 3: 1-5) dat door Petrus in zijn toespraak geciteerd wordt in Handelingen 2. En het is dat hoofdstuk in Handelingen dat verhaalt over de komst van de heilige Geest, het verhaal van Pinksteren. Pinksteren betekent dat in ieder van ons een stukje van God, een stukje van Zijn Geest aanwezig is. Pinksteren betekent dat we een persoonlijke band met God kunnen onderhouden. Pinksteren betekent dat het een ieder van ons gegeven is om de betekenis van Jezus’ leven en sterven te onderzoeken en eigen te maken. Pinksteren betekent dat God niet als een control freak Zijn eigen gang gaat, maar Zijn liefde delegeert zodat wij een ander weer tot zegen kunnen zijn.

 

Pinksteren heeft geloof persoonlijk gemaakt voor iedereen. Niet alleen voor enthousiaste mensen die graag met de handen in de lucht staan, of voor gedreven mensen die twee keer per zondag naar de kerk gaan, maar voor ons allemaal. Klein of groot, muurbloempje of haantje de voorste, voor of achter het behang, meerder- of minderheid. De Geest van Pinksteren maakt ons één in de Christus van Kerst, die met Pasen baanbrekend werk voor ons deed. Welke kerk, liturgie, protocollen en/of gewoontes we ook aanhangen. Wat ons helpt, dat helpt ons. Gelijk, geliefd en gezegend zijn we zonder meer.