content image

Kerk in Stad: hét kerkblad van Groningen 

Kerk in Stad is het informatie- en opinieblad van de Protestantse Gemeente Groningen. Het informeert u over het kerkelijk leven in de stad Groningen, maar ook over kerk en geloof in Nederland en in de wereld. Niet alleen in de vorm van wijkberichten van de diverse (PKN) kerken, maar ook door middel van achtergrondartikelen, het actuele nieuws, interviews met interessante stadjers, boekbesprekingen, columns en nog veel meer.

Met Kerk in Stad blijft u op de hoogte van een gemeente die bruist van de activiteiten, van de mensen daarachter en van geloven met je hoofd, hart en handen.

Kerk in Stad verschijnt tweewekelijks en is een uitgave van Stichting Kerkblad Protestantse Gemeente Groningen.

Cijfers PGG en Diaconie

In nummer 12 (2020) van dit blad publiceerden wij de jaarcijfers van de PGG en van de diaconie. Helaas bleken de grafieken wel keurig en kleurig te zijn, maar waren de bijschriften door de priegeligheid vrijwel onleesbaar. Daarom hier de PDF van die bladzijden - op de computer kunt u die wel uitvergroten. U vindt deze PDF hier.

Smartphone of een tablet?
U kunt Kerk in Stad nu ook via een APP lezen. Te downloaden voor Apple producten in de App Store, en voor Android in de Google Play Store.

Redactioneel - Kerk in Stad jaargang 21 nr. 14

07-07-2020

Beste lezer,

Drie keer per jaar wordt Kerk in Stad naar alle leden van de Protestantse Gemeente Groningen en Damsterboord gestuurd, in plaats van alleen naar de abonnees. Dit jaar gebeurt dat één keer extra: dit nummer gaat naar iedereen. We hebben namelijk een vreemde en moeilijke tijd achter ons en waarschijnlijk nog heel wat voor de boeg. Daarom is het goed om aan het begin van de zomervakantie eraan herinnerd te worden dat we allemaal bij elkaar horen: als mensen en als kerken. En natuurlijk om wat te lezen te hebben in die vakantie.

Nick Everts schrijft over corona-moeheid in ‘Bij de Tijd’. Arjen Zijderveld in ‘Kerk en theologie’ over hoop – iets anders dan optimisme. Jan Wijbenga doet verslag van een bijzondere bespreking van diaconaat in Groningen – noodgedwongen een digitale bijeenkomst. En op de jeugdpagina zien we wat de verschillende jeugdgroepen in de afgelopen maanden tóch hebben weten te organiseren.

Pieter Bootsma en Pieter Versloot gingen voor dit nummer op zoek naar wat corona met onze kerken gedaan heeft. Hoe is ons kerk-zijn veranderd? En hoe ziet men de toekomst? Ze interviewden predikanten en voorzitters van verschillende gemeentes en kerkgemeenschappen.

Verder leest u in dit nummer natuurlijk over de zomerdiensten van de komende weken, want Kerk in Stad verschijnt pas weer op 22 augustus. Tegen die tijd kan er weer van alles veranderd zijn, dus houd vooral goed de berichtgeving van uw eigen gemeente in de gaten.

Lieve mensen, ik wens u allemaal een goede, veilige, mooie en gezonde zomer. Over zes weken zijn wij weer terug!

Vriendelijke groet,
Annejet Fransen
 

Lees verder

Redactioneel - Kerk in Stad jaargang 21 nr. 13

24-06-2020


Beste lezer,

We kunnen discussiëren over het ‘oude normaal’ en het ‘nieuwe normaal’, maar wat dat inhoudt blijft onduidelijk. Heel vreemd is dat niet: we zijn altijd in ontwikkeling, dus wat normaal is verandert steeds. De schok is nu natuurlijk dat onze levens absoluut niet veranderden op de manieren die we misschien hadden verwacht in januari, maar op drastische wijze een onbekende richting op schoten. Verandering is niet altijd lineair, en ook niet altijd in de richting van een betere wereld zoals wij die ons voorstellen.

Annelies Noordhof schrijft in Bij de Tijd over een gebeurtenis die een grote verandering in de levens van heel veel mensen betekende: de afschaffing van de slavernij. Op 1 juli, Keti Koti, wordt dit herdacht. De sporen van slavernij zijn immers nog steeds terug te vinden, ook in Groningen.

De kranten staan bol van de verhalen over misdaad, rechtvaardigheid, straf en schuld. Ds. Pieter Versloot schrijft in ‘Kerk en Theologie’ over de biecht (het laatste deel in het drieluik). De biecht is een rafelig, persoonlijk soort verandering: een stap terug naar de gemeenschap voor een schuldige, iemand die het niet verdient.

In Damsterboord heeft een verandering op een wat kleinere schaal plaatsgevonden: daar is onlangs een nieuwe scriba bevestigd in de kerkenraad. Ria van Dijk-Hilberts interviewde stadjer Janny Wieringa.

Wijkgemeente De Bron viert dit jaar haar veertigjarig bestaan. In ‘Kerk en Samenleving’ lezen we dit keer een interview door Reinder de Jager met Ruud van Erp, die vertelt over hoe de gemeente op bijzondere wijze ontstond in een veranderende samenleving.

Zelf schreef ik dit keer een opiniestuk over verandering die ik waardevol acht voor de kerk: meer diverse bestuurslagen. Helaas is dat nog niet zo gemakkelijk in de praktijk te brengen. Maar we kunnen het er in ieder geval over hebben, toch?

Voor de meest actuele veranderingen in uw eigen gemeente kijkt u in de wijkberichten en de kanalen die daar vermeld staan. De kerkdiensten gaan op sommige plekken weer open voor kerkgangers, maar deze verandering gaat niet snel. Wel zorgvuldig. Laten we dat maar als algemeen uitgangspunt nemen.

Vriendelijke groet,
Annejet Fransen
 

Lees verder

Redactioneel - Kerk in Stad jaargang 21 nr. 12

10-06-2020

Beste lezer,

Hebt u alweer mensen in het echt mogen ontmoeten? Er mag zo langzamerhand steeds meer, zolang we maar heel voorzichtig blijven. De kerken in Groningen lijken die voorzichtigheid bijzonder in acht te nemen. In de komende tijd zal de nadruk blijven liggen op online kerkdiensten, hoe graag we ook weer bij elkaar willen komen.

In deze Kerk in Stad kunt u een samenvatting van de jaarrekening 2019 van de Protestantse Gemeente Groningen inzien. De volledige versie kunt u inzien op het Kerkelijk Bureau of via de mail ontvangen (stuur een verzoek naar info@protestantsegemeentegroningen.nl). Reageren kan uiterlijk 30 juni aan de scriba van de Algemene Kerkenraad: secak@protestantsegemeentegroningen.nl.

De coronacrisis heeft een grote impact op (bijna) iedereen. Rob Kroes interviewde voor dit nummer stadjer Bram van Santen, fietsenmaker hier in de stad. Hij mist de nabijheid van vrienden en familie en leeft vooral mee met mensen die helemaal niemand mogen zien.

Marga Baas schrijft in ‘Kerk en Theologie’ over huidhonger, het verlangen naar aanraking en nabijheid. In Kerk en Samenleving laat Pieter Bootsma ons kennismaken met die relikwie die de middeleeuwse Groningers bescherming moest bieden: de arm van Johannes de Doper. We zien hem terug in de afbeelding op de voorpagina van de Sint Jansbrug.

De afgelopen weken heeft een andere crisis de noodzaak om thuis te blijven doorbroken: over de hele wereld gingen mensen de straat op om te demonstreren tegen het onrecht van racisme dat verstrengeld is met machthebbers en degenen die deze macht uitvoeren. In Groningen protesteerden honderden mensen (op anderhalve meter afstand en met mondkapjes) op de markt. Jan Wijbenga schrijft in Bij de Tijd over de ongelijkheid in Amerika, maar ook in Nederland. Misschien hoeft niet alles zoals voorheen te worden: misschien kunnen we deze crisis onze samenleving ten goede laten veranderen.

Vriendelijke groet,
Annejet Fransen
 

Lees verder

Redactioneel - Kerk in Stad jaargang 21 nr. 11

27-05-2020

Beste lezer,

We stevenen af op weer een feestdag waarop we niet bij elkaar kunnen komen. Maar dit keer begint er zicht te komen op het einde van de crisis – of op z’n minst op het begin van het einde van deze fase van de crisis. Vanaf 1 juni nodigen sommige gemeenten weer voorzichtig een paar mensen uit om de diensten in het kerkgebouw bij te wonen. Andere wachten daar nog even mee – elke kerk, elke gemeente is verschillend en neemt dienovereenkomstig besluiten. In de wijkberichten vindt u meer informatie over de kerkdiensten van de komende tijd, en u wordt vanuit de eigen gemeente ook op de hoogte gehouden.

Informatie alleen is niet genoeg. Soms is het moeilijk om woorden te geven aan de gevoelens die bij al die informatie horen. Poëzie kan dan helpen. ‘Bij de Tijd’ van ds. Pieter Versloot krijgt dit keer de vorm van flarden uit een gedicht van Martinus Nijhoff en Marian Knigge – Van der Schors vertelt over een gedicht van Kees Hermis dat je heel goed als pinkstergedicht kunt lezen.

De Stadjer is dit keer Egbert Modderman, de jonge kunstschilder die voor de Martinikerk de Zeven Werken van Barmhartigheid schildert. Hij won de prestigieuze BP Young Artist Award 2020 van de Portrait Gallery in Londen. In het interview door Annelies Noordhof – Hoorn vertelt hij open over geloof, geluk en de liefde.

In ‘Kerk en Samenleving’ bezint Henk van Dijk zich op de blijvende veranderingen die de coronacrisis zou kunnen bewerkstelligen in de manier waarop we kerkdiensten inrichten. Ook Gerhard Ter Beek denkt na over ons kerk-zijn in de toekomst en ziet een tweeledige taak voor diaconaat: het lenigen van acute nood en het werken aan een maatschappij waarin deze nood niet meer ontstaat. Nemen kerken de verantwoordelijkheid om te strijden voor een rechtvaardige samenleving?

Vriendelijke groet,
Annejet Fransen

Lees verder

Redactioneel - Kerk in Stad jaargang 21 nr. 10

13-05-2020

Beste lezer,

Nog steeds veranderen de maatregelen rond de coronacrisis haast van week tot week. Tijdens de crisis is het vroege voorjaar veranderd in bijna-zomer en inmiddels zit ik (geïsoleerd) regelmatig te niezen van de hooikoorts. Maar ook het kerkelijk jaar gaat voort: Pasen lijkt nog maar pas voorbij en toch is het al bijna Hemelvaart.

In ‘Bij de Tijd’ schrijft dr. Simon Bijl over de kracht die ligt in de kwetsbaarheid van het geloof, die niet helemaal past bij de tijdsgeest maar daarom juist onmisbaar is.

Pieter Bootsma heeft dit keer niet één, maar twee stadjers geïnterviewd. Nettie Hoogers en Ulfert Molenhuis zijn beiden onlangs gestopt met hun werk bij de Voedselbank en vertellen over acht jaar toegewijd werk. Nu is het tijd voor nieuwe mensen om het stokje over te nemen.

Dick Tieleman kijkt ook naar het voortgaan van de tijd: in ‘Kerk en Theologie’ onderzoekt hij de steeds veranderende betekenis van de kerk in de samenleving. Die geschiedenis is nog lang niet teneinde.

Als er iets is wat hetzelfde blijft, is het dat mensen die het in de maatschappij al moeilijker hebben, vaak extra getroffen worden door een crisis. In Kerk en Samenleving lichten we een aantal groepen en individuen uit die iets vertellen over hun ervaringen tijdens de coronacrisis. Even verderop vertellen redactieleden zelf welke citaten of beelden hen persoonlijk getroffen hebben de afgelopen tijd.

Wilt u ook iets delen wat u geraakt heeft? Mail dat vooral naar kerkinstad@gmail.com of schrijf een brief naar de redactie, Kraneweg 33.

Vriendelijke groet,
Annejet Fransen
 

Lees verder

Het C-woord

07-07-2020

Met enige schroom voeg ik me bij de mensen die publiekelijk een mening ventileren over het C-woord. Of beter: over de moeheid van het C-woord. Mensen beginnen moe te raken van corona. Van de maatregelen, van het gedoe, van de discussies, van de versoepeling en van de vul maar aan. Mijn moeheid van corona raakt vooral de kerkelijke sfeer. De combinatie van kerk en corona was (en is) niet overal een gelukkig huwelijk. Het is veelal als een gedwongen huwelijk en ik als kind van de kerk raak moe van deze moeizame relatie.

Nick Everts

Onder de noemer ‘Bij de tijd’ kom ik er niet onderuit om iets over corona te schrijven. Begin maart heeft niemand kunnen inschatten hoe groot de impact zou zijn. Voor de meesten vooral financieel, sociaal en maatschappelijk. Voor een minderheid betekent deze tijd daadwerkelijk ziek zijn, verlies verwerken of herstellen. Mijn moeheid raakt niet hen. Mijn moeheid raakt aan het hervinden van balans tussen wat weer kan en wat nog niet gedurfd wordt.

Je hebt altijd rekkelijken en preciezen. Het is niet productief om ze tegen elkaar uit te spelen, al krijgen ze in deze tijd opnieuw een herkenbaar gezicht. U of jij kunt ze waarschijnlijk inmiddels ook onderscheiden. De één houdt zich, misschien zelfs wat krampachtig, aan protocollen of richtlijnen en lijkt er houvast aan te beleven. Een ander komt nonchalant over, ziet vooral wat nog wel kan, gaat het anders doen of lijkt de adviezen grotendeels te vergeten en te ontkrachten. In talkshows en media krijgen zowel de rekkelijken als de preciezen veel aandacht.

Ook in de kerk krijgen vooral de rekkelijken en de preciezen aandacht. De ironie is echter dat het merendeel van de mensen er ergens tussenin zit. Soms zijn ze enthousiast over de veranderingsmogelijkheden van de kerk. Soms maken ze zich zorgen over de snelheid van de versoepelingen. Op andere dagen zijn ze het zat, willen ze het liefst weer terug naar zoals het ging of frustreert het dat de kerk zo protocollair lijkt.

Als ik eerlijk ben, komt mijn moeheid door de voortdurende innerlijke wisseling tussen precieze en rekkelijke. Ik word enthousiast als ik zie dat de kerk in korte tijd digitaal vaardiger is geworden. Ik word vrolijk als ik hoor over de openluchtviering van Het Pand of het samenkomen in huiselijke kring. Ik raak teleurgesteld door de beperkte flexibiliteit van kerken en kerkbesturen. Ik ben ontroerd door mensen die naar elkaar omkijken en voor elkaar zorgen. Ik ben angstig voor de gevolgen van deze tijd voor de toekomst. Af en toe ben ik het zat en mis ik hoe het ‘gewoon’ ging. Soms maak ik me boos over richtlijnen en adviezen. Boven alles ben ik geregeld moe: coronamoe. Ik weet het niet precies en de rek is er geregeld even uit. Het c-woord is in crisis. Ook dat past bij deze tijd.
 

Lees verder

#Heri Heri

24-06-2020

Op woensdag 1 juli is de jaarlijkse herdenking én viering van de afschaffing van de slavernij in Suriname en op de Antillen, die na de invoering van de Emancipatiewet, in 1863, tot stand kwam. Nederland was daarmee één van de laatste landen in Europa die de slavernij afschafte. Vanwege de coronapandemie is er dit jaar (zoals het nu lijkt) geen herdenking bij het Nationaal Monument Slavernijverleden in het Amsterdamse Oosterpark en ook het Keti Koti Festival (Ketenen Gebroken) – dat sinds enkele jaren in alle grote steden wordt gevierd – kan niet doorgaan.

Annelies Noordhof – Hoorn

Dat betekent niet dat we dit herdenken en vieren dus maar moeten overslaan. Integendeel, de huidige antiracismeprotesten tonen aan dat het juist van groot belang is om stil te staan bij ons slavernijverleden dat doorwerkt tot op de huidige dag. In de Verenigde Staten, maar ook in Nederland. Een gevoelig onderwerp, blijkt vaak. Het liefst willen we onze zeehelden en ons roemruchte verleden bezingen, maar dat kan niet langer. Niet zonder meer. Een inclusieve samenleving vereist dat we ook kijken naar de keerzijde van ons koloniale verleden. ‘Onze’ overzeese gebieden brachten niet alleen rijkdom, maar ook geweld en mensonterende praktijken met zich mee.

Dit jaar moeten we dus op zoek naar een alternatief. In Amsterdam wordt op verschillende locaties Heri Heri uitgedeeld, een Surinaams eenpansgerecht. Mijn gedachten gingen uit naar een boekje dat enkele collega-historici een paar jaar terug publiceerden. Het is een boek met een wandelroute en vier fietsroutes door stad en ommeland. Die routes voeren niet langs gas en graan, maar langs sporen van het slavernijverleden in Groningen (tevens de titel van het boekje).

Ook in Groningen bestond een afdeling van de West Indische Compagnie – marktleider in de trans-Atlantische slavenhandel – namelijk de Kamer Stad en Lande. Ook Groningers plukten de vruchten van slavenhandel en slavernij op plantages. De wandelroute voert langs de werf van de WIC aan de Noorderhaven, maar ook langs ’t Feithhuis, generaties lang bewoond door de familie Feith. Deze vooraanstaande Groninger familie heeft veel betekend voor de stad, ook als het ging om armoedebestrijding en liefdadigheid, maar het familiekapitaal groeide mede door de compensatiegelden, van overheidswege verleend aan voormalige slaveneigenaren vanwege het verlies van hun ‘eigendom’.

Dit vertel ik overigens niet omdat ik vind dat ’t Feithhuis nu roze moet worden gespoten of om een moreel oordeel te vellen over de familie Feith. Juist niet. Dat is ook niet de opzet van de auteurs. De bedoeling is om ons met andere ogen te laten kijken. Om ons dát te laten zien en erkennen waar we anders volstrekt gedachteloos aan voorbijgaan. Waar we anders volstrekt gedachteloos aan voorbij blijven gaan, ook in het heden. Het gedrag van een ander veroordelen is vaak makkelijker dan verkeerd gedrag in onszelf aan te wijzen, maar we maken ons allemaal schuldig aan stigmatiseren en discrimineren. Als het niet gaat om kleur, dan wel om leeftijd, geloof, geaardheid, (psychische) ziekte en noem maar op. Laten we 1 juli aangrijpen om eens met andere ogen rond te kijken, wandelend of fietsend. Of om voor het avondeten eens een Surinaams gerecht te bereiden. #Heri Heri.
 

Lees verder

Onrecht is van alle tijden - helaas

10-06-2020

Vier jaar geleden maakten mijn vrouw en ik een autoreis door het oosten van Amerika. Vanuit Philadelphia zakten we af naar West Virginia, North en South Carolina, Georgia. Iets teveel kilometers, dat wel.

Jan Wijbenga

Als historicus is het smullen: de oostelijke staten ademen historie, herkenbaar aanwezig in musea, gedenktekens, gebouwen en landschappen. De negatieve aspecten van de kolonisatie, de moordpartijen en veldslagen worden niet geschuwd. Er wordt op een evenwichtige manier rekenschap afgelegd van het verleden, ook over het leven van de vroegste inheemse bevolking. Op de katoen- en suikerplantages was het verleden nog voelbaar aanwezig, o.m. via veel uitleg in de gerestaureerde slavenhutten. Al met al waren we positief verrast.

Eind dat jaar werd Trump tot president gekozen. Zijn motto was (en is) alles ongedaan maken wat Obama had bereikt. Sinds die tijd lees ik de New York Times en de Washington Post, die honderdduizenden nieuwe digitale abonnees zagen toestromen, die zicht op de waarheid wilden houden. Want de leugen regeert: Trump heeft inmiddels 20.000 leugens en onwaarheden op zijn naam staan. Zijn complottheorieën doen het goed bij zijn achterban. Hij creëert een verzonnen realiteit voor mensen die de grip op de wereld en op zichzelf verliezen, schreef De Groene. Zijn standpunten over abortus, wapens en homofilie houden de grote evangelische achterban koest. Maar in de praktijk helpt hij alleen de rijken, waaronder hijzelf.

Empathie met de zwakken in de samenleving, waaronder heel veel zwarten, is hem vreemd, zo bleek ook weer tijdens de rassenrellen. White supremacy is onbenoemd zijn drijfveer. De harde aanpak moet hem de herverkiezing bezorgen. Maar in woord en daad blijkt hij iedere persoonlijke verantwoordelijkheid te ontlopen. Hij stimuleert de tweedeling, niet de solidariteit en eenheid van een volk in moeilijke tijden. Het is zwart of wit – dat laatste in zijn geval. Alles is ook politiek: de wetenschap, de pers, het dragen van mondkapjes, de rechterlijke macht. Onafhankelijk toezicht is ongewenst, critici worden vervangen.

Op zich is de tweedeling niet nieuw. In 1787 werd een historische grondwet aangenomen waarin een compleet vernieuwde overheidsstructuur werd vastgesteld. De Bill of Rights legde individuele vrijheden vast. Maar papier is geduldig. Er is sindsdien veel veranderd, maar vooral om economische redenen werd pas in 1865, aan het eind van de interne burgeroorlog, de slavernij afgeschaft.

Gelijkberechtiging of gelijke behandeling laat zich niet afdwingen door wetten, protesten of geweld. Nog steeds voelen de zwarten zich gediscrimineerd. Ze krijgen onvoldoende kansen in een maatschappij waarin je jezelf moet redden, en waarin solidariteit niet door de overheid georganiseerd wordt. Men is nog steeds niet écht vrij. De wanhoop die in de recente protesten doorklinkt, is begrijpelijk. Er zijn wezenlijke veranderingen nodig. Maar ook blijkt hoe diep de rassenongelijkheid nog steeds diep verankerd is in de samenleving, in de opvattingen van mensen. De overheid is er geen schild voor de zwakken.

Bewustwording van onrecht is ook in Nederland, in Groningen nodig. En een juiste keuze bij de stembus. Hebben we wel weet van de grote ongelijkheid in Nederland, in onze stad, als we dat zelf niet voelen? Wat doet dat met ons? De kerken kunnen bijdragen door de bewustwording te vergroten en onrecht te agenderen. En het mooie van het christendom is dat het zich óók richt op de harten van mensen. Wie de bijbelse boodschap goed verstaat, kan niet anders dan samen met de naaste, arm of rijk, zwart, blank of wie ook maar, op te komen voor gerechtigheid. “Uw wil geschiede…”
 

Lees verder

Het uur U in flarden

27-05-2020

De doodstille straat lag
te blakeren in de zon.
Een man kwam de hoek om.

De zon had het rijk alleen.
Zelfs zij, wier tweede natuur
hen bestemde, hier, op dit uur,
te wandelen: de student,
de dame die niemand kent,
de leraar met pensioen,
waren van hun gewone doen
afgeweken vandaag;

Maar vreemder, dan
dat de straat leeg was,
was het feit
der volstrekte geluidloosheid,
en dat de stap van de man
de stilte liet als zij was,
ja, dat zijn gestrekte pas
naarmate hij verder liep
steeds dieper stilte schiep.

langs heel de vuurlinie heen
weet men: dit meldt het uur u,
nu verdwijnt de onzekerheid
van de mij gegunde tijd,
nu is het voor alles te laat.

De stilte die dan ontstaat
is een stilte van het soort
waar dingen in worden gehoord
die nog nimmer het oor vernam.

Zo ook hier. Toen de man kwam
en voortliep, begon men het gas
in de buizen onder het huis
te horen, en het gesuis
van water onder de straat,

Het is een groot woord: paniek,
maar het tekent de stille schrik
die op dit ogenblik de ledige straat beving.

Was het vriend of vijand? Niet uit te maken, want het schip voerde geen vlag.

Zoals ook de man die men zag
het minste niet droeg dat een man
van een man onderscheiden kan.

de man liep betrekkelijk vlug –
men zag hem nu op de rug.

Men had hem niet bepaald
feestelijk ingehaald;
daar was ook geen reden voor;
maar gelukkig liep hij door,

en toen de waarschijnlijkheid
dat men hem weldra kwijt
zou zijn, bij elke stap terrein won,

gaf heel de straat,
den man het heilig kruis achterna.

Het duurde een minuut misschien,
maar die een eeuwigheid was.

Toen deed de man een pas.
Met zijn vreemde, gestrekte gang
zag men hem spoedig de hoek omslaan.

Terstond ging ieder raam
wijd open, 't Was tijd.

De tafels stonden klaar.
Door open voordeuren zag
men moeders naar buiten gaan
roepend een kindernaam

Er kwam van andere kant
nog een klappend gerucht.
Het kwam van hoog uit de lucht.
Het waren de mus, de spreeuw,
de merel weer en de meeuw.

Zij streken neer uit de goot.
Het sloeg, het tjilpte en floot
tot midden, op de rails,
waarlangs thans kwam opgedaagd
de tram, een tijdlang vertraagd
rijdende wat hij kon
de verloren tijd herwon.

Ds. Pieter Versloot

De afgelopen coronamaanden schoten mij fietsend door een vreemd stille stad regelmatig flarden van ‘Het uur U’ te binnen. Martinus Nijhoff schiep dit gedicht van 520 regels in 1936. ‘Het uur u’ betekent in het leger het geheimgehouden uur van de aanval. De historicus Frank Snowdon maakt onderscheid tussen ‘flits crises’, infectieziekten die als een terroristische aanslag ineens toeslaan en ‘creeping crises’, crises die de samenleving belegeren zoals het coronavirus.

‘Het uur U’ verwoordt voor mij zo bij-de-tijds de onderhuidse dreiging van een crisis, die ‘geruisloos’ de samenleving, je leven binnen sluipt.
 

Lees verder

Vragen en horen rondom het feest van Hemelvaartsdag

13-05-2020

In de traditie hebben de zondagen tussen Pasen en Pinksteren een naam, ontleend aan de Psalm, die op die zondag tot klinken kwam. Zo heet zondag 17 mei ‘Rogate’, in onze taal: ‘Vraagt’, bij Psalm 66 en op 24 mei is de naam ‘Exaudi’, hetgeen betekent: ‘Hoor’, bij Psalm 27. Het lijkt op een soort vraag-en-antwoord-spel. Het zijn de mensen, die God vragen om te horen. Mensen die zich geen raad meer weten, mensen in hun kwetsbaarheid, mensen in verwarring, zij vragen en bidden om hulp. Zij vragen om gehoord te worden, om steun en redding. En tussen die twee zondagen ligt Hemelvaartsdag, een groots en triomfantelijk gebeuren, boven ons bestaan uitstijgend.

Dr. Simon W. Bijl

Het christendom in het westen van Europa heeft in de loop der tijden een grote ontwikkeling doorgemaakt. Geloof en bijgeloof liepen vaak in elkaar over. Mensen beseften hun kwetsbaarheid en afhankelijkheid, de dood lag altijd en overal op de loer. Met de tijd van de Verlichting in de achttiende eeuw begon de triomftocht van de moderne wetenschap, met name van de techniek en kennis der natuur. Dit heeft een enorme invloed uitgeoefend op het denken van de mensen en de beleving van de werkelijkheid. Het christendom heeft het daar vaak moeilijk mee gehad, uit angst dat het geloof in een niet te bewijzen God teloor zou kunnen gaan. De mens kwam zijn angsten voor de schepping te boven. De mens leek ‘Heer en Meester’ over de natuur te worden dankzij de voortschrijdende kennis ervan. God kon als Opperheer nog enige tijd blijven bestaan, maar verloor veel van zijn glans en geloofwaardigheid.

In de huidige tijd is de mens de maat der dingen geworden. Wij mensen weten, ontwikkelen en beheersen. De autonome mens kan plannen en organiseren. Daar lijken de woorden ‘vragen en horen’, kenmerkend voor alle geloof in een God, ten diepste niet meer in te passen. Want moderne mensen weten en kunnen. Wij zijn op ons zelf aangewezen, maar kunnen dat ook aan. Onze kennis is groot en onze macht schier onbegrensd. In de loop der tijd is het christendom in al zijn vormen een anachronisme geworden, niet meer op zijn plaats in deze tijd.

Maar de vragen die het coronavirus oproept, kunnen mensen aan het denken brengen. In 2020 blijkt leven nog steeds kwetsbaar, is de dood dreigend aanwezig, kent en bergt de natuur nog vele geheimen. Het woord ‘crisis’ klinkt ons vandaag vaak in de oren. Het gaat daarbij om de dreigende aanwezigheid van het coronavirus, om de verandering van ons klimaat, veroorzaakt door onze manier van omgaan met de schepping en het onvermogen om vrede te bewaren. Hoewel onze kennis enorm is toegenomen, zijn we niet in staat alles zo te regelen dat het voor allen goed komt.

Door onbescheidenheid en trots is het gevoel van afhankelijkheid verdampt. Toch zijn er nog mensen, die bidden en werken; vragend en zoekend proberen ze een weg te vinden die toekomst biedt aan ons mensen op aarde. Zij durven ervoor uit te komen dat wij mensen niet alles weten en kunnen en dat er meer is tussen hemel en aarde dan sommigen beweren. Het geheim achter het leven maakt nieuwsgierig, telkens weer. Gelovige mensen vragen om gehoord te worden door de Eeuwige om mens te kunnen worden voor de ander, in liefde en verbondenheid. Zij vragen om wijsheid en inzicht om het leven op deze aarde een toekomst te mogen geven. Zij generen zich niet om hun kwetsbaarheid te tonen en hun vragen te stellen. Dat hoor je opklinken in vele psalmen, in vertrouwen dat hun stem wordt gehoord.
 

Lees verder