content image

Kerk in Stad: hét kerkblad van Groningen 

Kerk in Stad is het informatie- en opinieblad van de Protestantse Gemeente Groningen. Het informeert u over het kerkelijk leven in de stad Groningen, maar ook over kerk en geloof in Nederland en in de wereld. Niet alleen in de vorm van wijkberichten van de diverse (PKN) kerken, maar ook door middel van achtergrondartikelen, het actuele nieuws, interviews met interessante stadjers, boekbesprekingen, columns en nog veel meer.

Met Kerk in Stad blijft u op de hoogte van een gemeente die bruist van de activiteiten, van de mensen daarachter en van geloven met je hoofd, hart en handen.

Kerk in Stad verschijnt tweewekelijks en is een uitgave van Stichting Kerkblad Protestantse Gemeente Groningen in samenwerking met Dekker Creatieve Media & Druk.


Smartphone of een tablet?
U kunt Kerk in Stad nu ook via een APP lezen. Te downloaden voor Apple producten in de App Store, en voor Android in de Google Play Store.

Redactioneel - Kerk in Stad nr. 8

25-04-2019

Beste lezer,

Nog maar een paar dagen geleden keek ik, keek heel Europa, ontzet naar de vlammen die uit de Notre Dame van Parijs sloegen. De brand vrat zich door het eikenhouten dak waaronder zich al eeuwenlang mensen verzamelen in dienst van God. Dag na dag, week na week, vanaf de middeleeuwen tot nu, deden mensen dezelfde dingen op dezelfde plek. Wordt ergens beter zichtbaar hoe waardevol dat is?

Anne Nijland pleit in ‘Bij de Tijd’ voor de herhaling. De feestdagen zijn er niet voor niets en zijn het waard om bij stil te staan. Ze herinneren ons eraan wat ervoor heeft gezorgd dat we kunnen leven en vieren zoals we dat doen. Door het vieren van Pasen worden we op een nieuw spoor gezet, schrijft Marga Baas in ‘Kerk en Theologie’. Een weg van vallen en opstaan, maar vooral een weg van verwachting.

Niet alleen feestdagen, maar ook verdrietige gebeurtenissen mogen herdacht worden. Het is binnenkort 4 mei, wanneer herinneringen aan de oorlog een belangrijke plaats innemen in ons dagelijks leven. In de ‘Stadjer’ vertelt mevrouw Sperber, die als kindje haar Joodse ouders verloor in de oorlog, haar verhaal. Opdat we het nooit zullen vergeten.

Rob Kroes interviewde kunstenaar Henk Pietersma, van wie een tentoonstelling in de Martinikerk te zien is. Hij maakte schilderijen bij de woorden uit het Credo, wat resulteerde in een prachtig boek in woord en beeld. Op de voorpagina van deze Kerk in Stad ziet u het schilderij Tertia die, ‘op de derde dag’. Als dat niet hoopvol is: het komt misschien niet meteen, maar de vrede is in aantocht.

Het is ons mensen eigen te blijven herhalen, te blijven herinneren. Mensen zullen terugkeren naar de Notre Dame en hun geloof meenemen naar de geblakerde stenen, waartussen het gouden kruis nog ongeschonden staat.

Vriendelijke groet,
Annejet Fransen

Lees verder

Redactioneel - Kerk in Stad nr. 7

11-04-2019

Jaargang 20, nummer 7

Beste lezer,

Eindelijk, het paasnummer! Niet alleen voor de abonnees, maar voor alle leden van de PGG. Vaste abonnees weten dat Kerk in Stad elke twee weken verschijnt, dus het paasnummer omvat de hele periode van Palm- tot Beloken Pasen. Morgen, op Palmpasen, zingen we en versieren de kinderen hun palmpasenstokken. Daarna wordt het stil.

Bij ‘inkeer’ denken we al snel aan introspectie, het nadenken over jezelf en je identiteit. Zo dicht bij Pasen kunnen we dat juist even loslaten. Identiteit is een dynamisch proces, zegt Jan Wijbenga in ‘Bij de Tijd’, en God gaat met ons mee door de tijd.


In de afgelopen jaren werden verschillende kerkdenominaties door elkaar geschud door het naar buiten komen van feiten die allerminst onderdeel zouden moeten uitmaken van hun identiteit: mensen, kinderen, waren binnen de kerk misbruikt. Geen gemakkelijk onderwerp, maar toch moeten we het erover nadenken. Tiemo Meijlink vertelt wat dit betekent voor het verstaan van de plek van de Kerk in de samenleving en de invulling van kerkelijk recht. Een oeroude theologie blijkt weer heel relevant.

In ‘Kerk en Samenleving’ ontmoeten we een vrouw die, negentien jaar nadat ze vanuit Amerika naar Nederland was verhuisd, een brief kreeg dat ze moest komen inburgeren. Ze gaf inmiddels al rondleidingen door de stad. Ook aan geboren Groningers, nota bene. In ‘Stadjer’ komen dit keer twee jonge stadjers aan het woord. Die weten heel goed wie ze zijn en wat ze willen: appelflappen eten en knutselen. Neem het ze eens kwalijk.

Maar dan, daar is de Stille Week. Achterin deze Kerk in Stad vindt u een poëziebespreking van Marian Knigge. Een van de wachters bij het graf van Jezus smeekt: “ach, roer mij aan en stel mij op mijn plaats.” Het onbevattelijke is gebeurd en hij is bang, maar wil ook het ongelooflijke geloven. Het is eindelijk Pasen.

Vriendelijke groet,
Annejet Fransen

Lees verder

Redactioneel - Kerk in Stad nr. 6

28-03-2019

Beste lezer,

Er was een mini-crisis bij Kerk in Stad: er was zoveel kopij binnengekomen dat het allemaal niet paste. De wijkgemeenten hadden zoveel te vertellen, zoveel aan te kondigen, zoveel nieuws te brengen. Als u dit leest, zal het wel opgelost zijn. Met een strenge rode pen (van mij) en wat creatief puzzelen met de kopij (door de vormgever) schuiven we de overdaad in de toegewezen 24 pagina’s.

Er zijn meer crises in Nederland de afgelopen tijd, crises die niet met schuiven en doorstrepen op te lossen zijn. Gevaarlijke denkbeelden wortelen in steeds meer hoofden en groeien naar buiten, naar een praktijk van geweld en haat. In het ergste geval, dodelijk. In het beste geval, de baan effenend voor dodelijk geweld.

Ik noem geen namen, dat gebeurt al genoeg. Kerk in Stad is geen nieuwsblad. Daarom blijven we bezig met ‘informeren en verdiepen’ over het kerkelijke. Nu, dat geloof ik vast, relevanter dan ooit. Want de kerk is geen eiland. Evert Jan Veldman schrijft in ‘Kerk en Theologie’ over een kerk die naar buiten treedt. Waar in de wereld begin je in vredesnaam?
Tiemo Meijlink en Jacobine Gelderloos spreken over de toekomst van de kerk in ‘Kerk en Samenleving’. Ze zien nieuwe ontwikkelingen en eeuwenoude tradities door elkaar lopen. Er is pijn om wat je los moet laten, maar ook hoop voor een kerk die veerkrachtig is.

De boekbespreking van ds. Pieter Versloot gaat over Raak de wonden aan van de Tsjechische priester Tomáš Halík. Hij citeert: “Als ik de pijn van mijn naasten niet serieus neem, heb ik niet het recht God te belijden.”
Andersom werkt het misschien ook: wanneer we God oprecht belijden, neem we de pijn van de naaste serieus. En zolang we aan de kant van de zwakkeren staan, is de kerk zijn relevantie voor de samenleving niet verloren. Crisis of geen crisis.

Vriendelijke groet,
Annejet Fransen

Lees verder

Redactioneel - Kerk in Stad nr. 5

08-03-2019

Beste lezer,

Voor mijn gevoel is de kersttijd nog maar pas voorbij. Maar één blik naar buiten vertelt me dat het voorjaar zich definitief aan de kou ontworsteld heeft. Daarmee verwachten we ook Pasen, zoals de kinderen het gaan beleven in de komende weken: ‘Een nieuw begin’.

Maar zover is het nog niet. Als u dit leest is net de veertigdagentijd begonnen. Een sobere tijd van inkeer en soms van vasten. We staan stil bij het lijden van Jezus. Nee, zegt Simon Bijl in ‘Bij de Tijd’, we staan niet stil. We zijn op weg!

In ‘Kerk en Theologie’ vraagt Pieter Versloot dit keer om wat broodnodige zelfreflectie: de Nederlandse samenleving krijgt steeds meer trekken van een zogenaamde ‘schaamtecultuur’. Waar staat de kerk in een cultuur die mensen zonder proces aan de publieke schandpaal nagelt? Accepteren we mensen die niet in onze eigen ‘bubbel’ passen? Pascha blijkt niet veraf.

In Ten Boer leidde een bijzondere ontdekking tot een origineel project: de diensten in de veertigdagentijd staan daar in het teken van de druksels die Hendrik Werkman maakte voor het boek Chassidische Legenden van Martin Buber. Reinder de Jager schrijft erover in ‘Kerk en Samenleving’. Een andere kunstvorm zien we terug in de poëziebespreking van Marian Knigge met het gedicht ‘Fatum’ van Hans Vlek.

Ook de jeugdpagina heeft dit nummer een nieuw begin gemaakt: hij is terug, met een prachtig beeldverslag van het clubkamp van Stad Noord! Kortom, genoeg om dit extra dikke nummer te vullen. Het zal ons dan ook een tijd op de been moeten houden: de volgende Kerk in Stad verschijnt pas over drie weken. Heel veel leesplezier!

Vriendelijke groet,
Annejet Fransen

Lees verder

Redactioneel - Kerk in Stad nr. 4

23-02-2019

Jaargang 20, nummer 4

Beste lezer,

Als u het vorige nummer hebt gelezen, bent u de verschillende artikelen tegengekomen die de vragen stelden: hoe moet de PKN verder? Hoe moet de PGG de toekomst in? Dit keer een natuurlijk ontstaan deel twee, barstend van ideeën.

Anne Nijland schrijft een pleidooi voor een kerk waarin de ‘kleur’ van de jongeren binnen het mozaïek goed vertegenwoordigd is. Rob Kroes doet in ‘Kerk en Samenleving’ verslag van een pionierstraining in Soesterberg, waar hij heen ging als onderdeel van de afvaardiging van de Groningse pioniersplek het Stadsklooster. De pioniersplekken zijn per definitie relatief nieuw en hebben veel te leren, van de pionierbegeleiders van de PKN en van elkaar. Ik stel me voor dat het een uitdaging is de balans te vinden tussen vernieuwing, andere wegen inslaan, inspelen op de samenleving zoals ze is... en geworteld blijven in de traditie van de kerk, die ook niet ‘zo maar’ ontstaan is.

Gerhard ter Beek schrijft in ‘Kerk en Theologie’ over een groep christenen die serieus hebben nagedacht over hoe hun geloof zich verhoudt tot de samenleving. Een aantal Amerikaanse ‘evangelicals’ brengen een verrassend weloverwogen geloofsbelijdenis, geschreven als antwoord op de door president Trump gecreëerde sfeer van angst, haat en sensatie. Ik zeg verrassend, want de verklaring verschuilt zich in een zéér Amerikaans aandoend formaat: strak ingedeeld in punten en onder de ambitieuze titel ‘Reclaiming Jesus’. In Nederland, in Groningen, zullen we onze eigen vorm moeten vinden.

Vriendelijke groet,
Annejet Fransen

Lees verder

Kracht van de herhaling

25-04-2019

Met het vieren van Jezus’ opstanding afgelopen Pasen is een nieuw begin begonnen. Opnieuw. Want Pasen komt elk jaar voorbij, net als de vele al dan niet religieuze feestdagen die voor ons liggen. Zo een indruk als ze vroeger konden maken, kunnen feestdagen soms akelig op gewone dagen lijken. Schuilt er kracht in die jaarlijkse herhaling?

Anne Nijland

Jazeker. Die kracht zit hem in de rituelen. Door even uit het alledaagse te stappen en tijd in te plannen voor de momenten waarop de betekenis van deze feestdagen onderstreept worden, kun je bewust blijven van wat we vieren en gedenken. Dat geldt voor zowel religieuze als niet-religieuze feestdagen. Met Pasen hebben we dat kunnen doen door (één van) de diensten van de Paascyclus te bezoeken. Zo word je letterlijk stil gezet en bewust gemaakt van de betekenis van een Witte Donderdag of Stille Zaterdag. 4 mei krijgt betekenis door mee te doen met de twee minuten stilte, dat kan zelfs thuis op de bank. Bevrijdingsdag wordt bepaald door festiviteiten, of door het bekijken van een oorlogsdocumentaire. Het maakt je na al die decennia bewust van het feit dat vrijheid niet vanzelfsprekend is en dat we dankbaar mogen zijn voor al die jaren dat we al ‘oorlogsvrij’ zijn.

Meedoen en meevieren maakt verschil. Simpel gezegd zorgt het ervoor dat niet elke dag op de ander lijkt, zoals elke periode van het kerkelijke jaar zijn eigen kleur en vieringen heeft, en zoals elk seizoen zijn eigenschappen heeft. Wat dramatischer gezegd kan meevieren het verschil maken tussen bestaan en leven. De feestdagen die voor ons liggen laten ons zien dat er heel wat condities en voorwaarden zijn, willen we ons leven kunnen leven zoals we dat dagelijks doen. Zonder Jezus’ opstanding geen nieuwe kansen, geen ultieme getuigenis van de Liefde van God voor ons mensen, geen schone lei en geen vreugde jegens dit alles. Zonder het offer van zoveel (buitenlandse!) mensenlevens om de Tweede Wereldoorlog in ons land tot een einde te brengen, geen vrijheid. Zonder Pinksteren geen uitstorting van de Heilige Geest over alle mensen ongeacht geslacht, status of talent. Zonder Heilige Geest geen mogelijkheid voor elke simpele ziel om ons op eigen initiatief te laven aan Gods nabijheid. Al die mogelijkheden, om te bidden, om ons vergeven te weten en een nieuwe stap te mogen zetten, om naar de kerk te gaan, om ons veilig te voelen, om te kunnen stemmen, om onszelf te mogen zijn, etc., zijn ons gegeven. En daar herinneren ons die feestdagen aan. Mits wij tijd vrijmaken om er bij stil te staan. Herhaalse!

Lees verder

Wie we werkelijk zijn

11-04-2019

Identiteit is veel in het nieuws. Maar wat is het eigenlijk? Het is in ieder geval een begrip om iets af te bakenen. Iets wat jou of jouw land uniek maakt. Maar wie bepaalt wat jouw identiteit is, wat de identiteit van Nederland of van jouw kerkgemeenschap is?

Jan Wijbenga

In de politiek gaat het op gezette tijden om onze nationale identiteit, en worden kenmerken genoemd die andere landen niet zouden hebben. Dat kan met karakter van ‘de Nederlander’ te maken hebben, maar ook met de geschiedenis, ligging of de inrichting van ons land. Het is een politiek construct,  bedoeld als scheidslijn om van mensen te kunnen zeggen dat ze hier niet passen of thuis horen. Hun voorgeschiedenis ligt elders, hun cultuur of religie is anders.

Maar hebben Nederlanders echt zoveel met elkaar gemeen als men zegt? Ik geloof er niets van. De onderlinge verschillen tussen witte - boreale moet ik tegenwoordig zeggen - Nederlanders zijn ontzettend groot, in gedrag, kennis en opvattingen. Vaak voel ik me meer verbonden met nieuwkomers dan met mensen wier wieg al vele generaties in Nederland staat.

Opgroeien en ouder worden kan een levenslange zoektocht zijn naar je persoonlijke identiteit. Worden wie je bent – dat kan even duren, en wordt vaak in het spirituele getrokken. Wie ben ik, wat zijn mijn waarden, wat geeft mijn leven zin, wat onderscheidt mij van anderen, wat maakt mij uniek – vooral dat laatste willen we graag. En tegelijkertijd zoeken we naar verbindingen met anderen, in wie we onze identiteit herkennen. Zo kunnen gemeenschappelijke hobby’s, kleding, gedrag, vrijetijdsbesteding of werkkring leiden tot een groepsgevoel, dat je eigen persoonlijke identiteit versterkt en naar anderen toe aanzien geeft. Ook het maatschappelijk middenveld heeft zich langs identiteitslijnen ontwikkeld.

In Groningen zijn de wijkgemeenten op zoek naar een nieuw profiel. Niet dat alles anders moet, maar we willen nieuwe vormen én woorden vinden om ons geloof te belijden en tegelijkertijd aan te sluiten bij wat gaande is in de samenleving. Verbindingen leggen zonder de onopgeefbare kern te verliezen. God, Christus en de Geest: ze gaan met ons mee door de tijden heen. Zij zijn flexibeler dan wij, die bang zijn om te verliezen wat we hebben.

Identiteit is niet een statisch begrip, maar een dynamisch proces: hij ontwikkelt zich voortdurend. Wie dat kan meemaken gaat een kans- en glansrijke toekomst tegemoet, als persoon én als gemeenschap

Lees verder

Halfvasten: de zin van het kerkelijk jaar

28-03-2019

Bij verschijnen van dit nummer zijn wij zijn aangeland in het midden van de veertigdagentijd. Aanstaande zondag is het zondag Laetare (Latijn voor: ‘verheug u’). De naam van deze zondag is ontleend aan Jesaja 66:10, waarin de mensen worden opgeroepen zich met Jeruzalem te verheugen op een komende vrede die over de stad zal komen. Het is een zondag met een roze randje in de paarse tijd van vasten en bezinning met oog op Pasen. Voor even, halverwege de vasten, wordt er alvast vooruitgekeken naar Pasen. Daarom wordt deze zondag ook wel ‘Klein Pasen’ genoemd.

Tiemo Meijlink

Het is belangrijk dat oude gegeven van de kerkelijke kalender op waarde te schatten. Ook als het vastentijd is, tijd van boete doen en bezinning over het lijden van onze wereld, over het menselijk tekort, vond de kerk het kennelijk belangrijk om dat vasten niet geïsoleerd te bezien en te ervaren, maar het ook halverwege al in verband te brengen met het hoge feest van de kerk, met Pasen. Alsof men daarmee heeft willen zeggen: “Niet vergeten dat het daarom gaat: de gekruisigde die wij navolgen, is de Levende, de mens van Pasen die als de Geest van leven en liefde met ons is!”

Hoe beleven wij eigenlijk die kerkelijke kalender? Het zou goed kunnen dat velen dat alleen maar weer even te binnen schiet als je in de kerk komt en op de voorkant van de liturgie leest dat het de zoveelste zondag van de veertigdagentijd is. Of als de ouderling van dienst dat aan het begin van de dienst nog even noemt. “O ja, da’s waar, we zijn op weg naar Pasen,” denk je dan. Anderen beleven het misschien intenser, de 40 dagen, en houden zich aan een bepaalde manier van vasten. Hoe dan ook, steeds ervaren we vooral ook de druk van een andere tijd: de kloktijd, de urgentie van de actualiteit, het ritme van de agenda, het voortrazende leven van alledag. Op zich allemaal heel begrijpelijk, dat dat ons vooral bezighoudt.

Toch is het goed om die kerkelijke kalender te volgen, ook al is het misschien een tijdservaring in de marge van onze alledaagse beleving. Want op het ritme van het kerkelijk jaar worden we intens herinnerd aan het geheim waaruit de kerk haar inspiratie haalt. Het geheim, het mysterie van Jezus Christus, deze mens over wie wij aarzelend zeggen of soms ook jubelend zingen: hij is een mens uit God met de Naam ‘Ik zal er zijn’. Zo is de zin van het kerkelijk jaar een oefening in de tijd: in dagen, weken en periodes steeds opnieuw, steeds vanuit een ander perspectief ons Jezus Christus voor ogen te stellen.

Als ik dit schrijf, zijn we net opgeschrikt door de terreuraanval in Utrecht, waar doden en ernstig gewonden zijn gevallen. Zomaar middenin het gewone, dagelijkse leven van mensen. Vreselijk! Te midden van het verdriet en de schok kun je ook dankbaar zijn dat er een rechtstaat is die hier meteen op alle fronten actief wordt en de mensen beschermt en verzorgt die dat nodig hebben. Godzijdank is er in al het lijden van onze wereld de compassie, de zorg voor mensen. Laat ook dat gegeven een verwijzing zijn naar het mysterie van Pasen, waaraan wij ons in deze tijd toewijden.

Lees verder

De weg van de Liefde

08-03-2019

Pasen geldt als het grootste en oudste christelijke feest. De boodschap van Pasen is dan ook groots en geweldig. Jezus leeft!

Maar hier gaat wel wat aan vooraf: het lijden en sterven van Jezus. Tijdens de periode van de veertig dagen staat men daarbij stil. De zondag telt men vanouds niet mee, want die eerste dag van de week herinnert ons aan het Paasgebeuren, de opstanding van Jezus uit de dood. Al eeuwenlang roept het Passieverhaal vragen op. Waarom moest Jezus eigenlijk lijden? Waarom moest Jezus Zijn leven geven? Had het allemaal niet anders gekund, minder heftig en bloedig?

Dr. S.W. Bijl

Antwoorden die men in de loop der tijden op deze vragen heeft gegeven, schieten m.i. tekort. Men wil zo graag alles systematiseren, kunnen berekenen en doorgronden, zodat uiteindelijk het lijden en sterven van Jezus te verklaren zou zijn. Terecht hebben velen zich hiertegen verzet. Zij hebben op het ongerijmde gewezen. Hoe zou een God van barmhartigheid en liefde zoiets kunnen laten gebeuren met Zijn Zoon? Zou de Vader hem echt op een berekenende en logische manier hebben opgeofferd? Daarvoor is diens lijden toch immers te groot en te erg? Onbegrijpelijk en niet te vatten blijft wat ons in het lijdensverhaal wordt verteld en doorgegeven.

Kunnen we als christenen van nu proberen daar anders naar te kijken en mee om te gaan? Ik denk dat we voorzichtiger zijn geworden met grote stelligheden dan onze voorouders. Wanneer liefde als vanzelfsprekend bij onze God hoort (en dat geloof ik), dan zoek ik een antwoord op de gestelde vragen in die richting.
Van ware liefde weten we, dat die niet te begrijpen is, niet te beredeneren, laat staan logisch te verklaren. Liefde is blind, overkomt iemand en voert mee zonder grenzen en restricties. Zo horen en lezen we het ook in de Bijbel, met name in de brieven van Johannes (bv. I Joh. 3), maar ook in die van Paulus (bijv. Romeinen 8:31 e.v.). Gods liefde is door ons niet in systemen te vatten, net zomin als God zelf dat is. We weten maar weinig van de liefde, begrijpen er vaak nog minder van, maar wat we ondergaan en ervaren is meer dan genoeg om ons te verrassen en te verbazen!
De weg van Jezus is die van liefde voor mensen van toen en nu, van trouw en overgave aan de Vader en van zorg en bezorgdheid voor zijn leerlingen en andere mensen.

Op Aswoensdag 6 maart worden christenen bepaald bij het begin van die weg van liefde en overgave. Zij willen dit niet ongemerkt voorbij laten gaan, omdat het mensen iets laat zien en merken van die ongekende en onvoorstelbare liefde van God voor Zijn wereld. Elke zondag horen we daarover spreken, zingen we daar samen van en delen we onze gebeden met elkaar en de Eeuwige, bron van licht en leven. Eén boodschap krijgen we mee, namelijk het gebod om lief te hebben. Want alleen liefde heeft toekomst in ons leven en in onze wereld. Zonder liefde wordt de werkelijkheid koud en hard en de toekomst een rekensom vol kille getallen. En wat men dan nog liefde noemt, is een zaak van berekening en in wezen puur egoïsme.

U en jou wens ik een goede tijd toe, op weg naar Pasen, tijd voor verwondering en dankbaarheid voor de Liefde die we daarbij ontvangen.

Lees verder

Mozaïek van kerkplekken

23-02-2019

21 december jl. publiceerde de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) een conceptnota onder bovenstaande titel. De nota is uitgebracht naar aanleiding van een onderzoek naar pioniersplekken, naar nieuwe vormen van kerk-zijn. Gezamenlijk met de huidige kerkelijke gemeentes en initiatieven als Kliederkerk creëren ze een mozaïek van verschillen dat samen een mooi kunstwerk vormt. Dat gaf te denken in hoeverre wij als Protestantse Gemeente Groningen (PGG) een mozaïek zijn.

Anne Nijland

Volgens mij is het mozaïek van de PGG aardig gekleurd, met het wijkwerk van het Pand, Kliederkerkbijeenkomsten en een heuse pioniersplek: het Stadsklooster. In de Martinikerk huizen zelfs twee ‘gemeenten’. Op één zondagochtend worden daar na elkaar zowel de diensten van de wijkgemeente als van het studentenplatform gevierd. Ieder met haar eigen kleur. Ook de wijkgemeenten in het noorden en zuiden van de stad manifesteren en verhouden zich ieder op een eigen manier in en tot hun wijk.

Maar als je kritisch kijkt zijn de reguliere kerkgemeenten toch ook overwegend van een zelfde soort kleur. De meesten aan de linker flank van het kerkspectrum, met predikanten die veelal in dezelfde periode zijn opgeleid. Een paar kleurtjes zijn zelfs ondervertegenwoordigd. Het kleurtje van de tieners en die van de twintigers, bijvoorbeeld. Zij lijken maar geen plek te kunnen vinden in het mozaïek. Ze haken af bij ingewikkelde woorden in de liturgie, bij moeilijk zingbare liederen en bij onderwerpen die hun leven niet betreffen. Dit alles gegoten in een vorm die hen niet eigen is: stilzitten en enkel luisteren.

Ik hoop dat zij hun eigen kleurtje kunnen vinden en dat wij daar ruimte voor kunnen bieden in ons mozaïek.

Lees verder